Non-discriminatiebeleid > Het beleid > Gelijke Kansen

Non-discriminatiebeleid

1. oorsprong

Het principe van gelijke behandeling (of non-discriminatie) is een van de grondslagen van onze democratische samenleving. Niettemin horen discriminaties nog te vaak tot de dagelijkse realiteit van minderheids- en/of kansengroepen. Net daarom wordt naast een proactief gelijkekansenbeleid ook een non-discriminatiebeleid uitgewerkt. Het decreet houdende een kader voor het Vlaamse gelijkekansen- en gelijkebehandelingsbeleid van 10 juli 2008 schept het kader voor beide beleidslijnen.

Het Vlaamse antidiscriminatiebeleid is de voorbije jaren in een stroomversnelling gekomen, onder niet te miskennen Europese invloed:  4 belangrijke Europese richtlijnen werden omgezet in het decreet van 10 juli 2008.
Het kaderdecreet gaat in zijn toepassing ruimer dan wat door Europa wordt opgelegd, in de zin dat:

  • de lijst van beschermde kenmerken ruimer is
  • het toepassingsgebied alle Vlaamse bevoegdheden omvat
  • het onafhankelijk orgaan ook rechtsbescherming en rechtshandhaving in haar takenpakket omvat
  • een netwerk van 13 lokale meldpunten discriminatie werd opgericht.

Beschermde kenmerken (art 16§3): geslacht, leeftijd, seksuele geaardheid, burgerlijke staat, geboorte, vermogen geloof of levensbeschouwing, politieke overtuiging, taal, gezondheidstoestand, handicap, fysieke of genetische eigenschap, sociale positie, nationaliteit, zogenaamd ras, huidskleur, afkomst of nationale of etnische afstamming.

Toepassingsgebied (art 20): arbeid, beroep, beroepsopleiding, arbeidsproces, promotiekansen, arbeidsvoorwaarden, goederen en diensten, gezondheidszorg, onderwijs, sociale voordelen en toegang tot en deelname aan economische, sociale, culturele of politieke activiteit die buiten de privésfeer worden aangeboden.

Het decreet geeft ook uitvoering aan de relevante verdragen die op mondiaal niveau de strijd tegen discriminatie aangaan, zoals het verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van rassendiscriminatie, het verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van discrimininatie van vrouwen, het verdrag inzake de rechten van kinderen en het verdrag inzake de rechten van personen met een handicap.

Het Vlaams discriminatiebeleid is complementair aan het gelijkekansenbeleid. Het gaat er immers niet om enkel repressief op te treden, er moet eveneens een beleid bestaan dat gericht is op preventie en aldus een tolerante samenleving wil creëren waar iedereen volwaardig en gelijkwaardig aan kan deelnemen.
 

2. onafhankelijke gelijkheidsorganen

Naast een stevig juridisch kader zet het Vlaamse andidiscriminatiebeleid in op het versterken en uitbouwen van onafhankelijke gelijkheidsorganen, waar slachtoffers van discriminatie terecht kunnen voor een laagdrempelige, krachtdadige en kwaliteitsvolle behandeling van hun klachten.

In de 13 Vlaamse centrumsteden werden meldpunten discriminatie ingericht. Sinds 1 januari 2014 maken deze meldpunten deel uit van Unia, het interfederaal Gelijkekansencentrum (www.unia.be).

Kaart van Vlaanderen, opgesplitst naar werkingsgebieden

Kaart van Vlaanderen, ingedeeld in gemeenten, opgesplitst naar werkingsgebieden
Aalst (10), Antwerpen (48), Brugge (13), Brussel (51), Genk (9), Gent (47), Hasselt (39), Kortrijk (24), Leuven (26), Mechelen (9), Oostende (12), Roeselare (16), Sint-Niklaas (6), Turnhout (17)

Unia en de lokale contactpunten zijn bevoegd voor de beschermde kenmerken leeftijd, seksuele geaardheid, burgerlijke staat, geboorte, vermogen, geloof of levensbeschouwing, politieke overtuiging, gezondheidstoestand, handicap, fysieke of genetische eigenschap, sociale positie, nationaliteit, zogenaamd ras, afkomst of nationale of etnische afstamming.

Ze verlenen bijstand aan slachtoffers en kunnen bemiddelen tussen partijen opdat het discriminerende gedrag wordt stopgezet. Deze bijstand kan ook louter het verlenen van informatie zijn. Indien nodig kan Unia gerechtelijke stappen zetten.
Naast klachtenbehandeling verzorgt Unia ook preventieve acties. Enkele voorbeelden:

  • het meldpunt discriminatie van Leuven voerde een actie rond discriminatie in de horeca. Het Meldpunt maakte een informatiebrochure voor de klanten én de uitbaters en portiers van horecazaken. (http://www.leuven.be/bestuur/meldpunt-discriminatie/)
  • het meldpunt van Antwerpen organiseerde een scholenactie 'Doorprik vooroordelen' in het kader van 21 maart, de internationale dag tegen racisme en discriminatie. Gecoacht door het ModeMuseum werkten 400 leerlingen van verschillende scholen rond het thema ‘mode en discriminatie’, wat resulteerde in een antidiscriminatiepaspop met eigenzinnige modecreaties. (https://www.youtube.com/watch?v=RV-eZE5kon0)
  • de meldpunten discriminatie van Hasselt en Genk maakten 11 filmpjes rond discriminatie op verschillende gronden. Deze werden samen met een educatief pakket verspreid in de Limburgse scholen. (http://www.discrinimeer.be/)
  • Het interfederaal Gelijkekansencentrum deed onderzoeken naar discriminatie op de Belgische huismarkt: de Diversiteitsbarometer ‘wonen’ (www.diversiteit.be/discriminatie-op-de-belgische-huisvestingsmarkt-voor-het-eerst-een-volledig-beeld).


Contactadressen lokale contactpunten http://unia.be/nl/contact-opnemen-met-unia/onze-lokale-contactpunten

Eind 2011 werd het eerste evaluatierapport over het Vlaams antidiscriminatiebeleid gepubliceerd. Het spitst zich toe op de meldpunten discriminatie. Voor de cijfers werd een beroep gedaan op het METIS registratiesysteem dat ontwikkeld werd door het inteffederaal Gelijkekansencentrum en dat ter beschikking wordt gesteld van de Meldpunten. Evaluatierapport Vlaams non-discriminatiebeleid 2010 (PDF)

Slachtoffers van discriminatie op basis van geslacht (waaronder ook zwangerschap), genderidentiteit en genderexpressie kunnen een klacht indienen bij de genderkamer bij de Vlaamse Ombudsdienst. De Vlaamse Ombudsman registreert de klacht, informeert, doet aan verzoening en kan - indien nodig en mits toestemming van het slachtoffer - in rechte optreden.

De Ombudsman kan enkel optreden met betrekking tot Vlaamse bevoegdheden. Slachtoffers van genderdiscriminatie m.b.t. federale bevoegdheden (vb. ontslagrecht) kunnen terecht bij het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen.